Gwenn, hobbyist in hart en nieren, zelfs jurylid in opleiding, is aan het kweken geslagen. In zijn zelfgebouwde koihuis á la Japanse stijl is hij dit jaar met de kweek van zowel Kohaku als Sanke begonnen. Ik heb Gwenn ontmoet op de Holland Koi Show in Arcen en daar werd het me al snel duidelijk dat hij zijn visier heeft gericht op hoge kwaliteit Koi en het herkennen van deze. Om die reden is Gwenn ook met de juryopleiding begonnen en daarnaast is hij ook vele malen naar Japan geweest. Daar heeft hij eigenhandig zijn ouderdieren uitgezocht om mee aan de slag te gaan voor de kweek. In de uitleg die Gwenn me over zijn kweek gaf, werd het me al snel duidelijk dat hij liever praat dan schrijft, dus we houden het vooral bij foto’s.
Op de eerste foto zijn gelijk de ouderdieren te zien: Het vrouwelijke ouderdier is een Yamatoya Sansai van 65 cm en twee mannelijke Dainichi nisai, welke tussen de 40 en 50 cm zijn. De eigenlijke kweek was op 28 mei 2009, waarbij vier dagen later de eerste kego (jonge Koi) al rondzwommen. Op 27 juni 2009 was de eerste sembetsu (selectie, dit woord moeten jullie onderhand wel kunnen dromen ;)). Bij deze eerste sembetsu heeft Gwenn vooral naar afwijkingen gekeken, patronen waren nog niet zichtbaar. Daarnaast zijn te kleine vissen ook uitgeselecteerd. 
Bij de derde foto is duidelijk het groei verschil tussen de jonge Koi te zien. In het koikwekerslatijn worden deze snelle groeiers ook wel Tobi Koi genoemd. De Tobi Koi worden bij voorkeur gescheiden van de rest om kanibalisme te voorkomen. Bij Gwenn is dit natuurlijk eenvoudiger dan bij de Japanse koikwekers, dit scheiden van de uitschieters gebeurt daar dan ook niet. In veel gevallen zijn dit trouwens lelijke vissen, bij een Kohaku-kweek vaak Benigoi en Shiro Muji. En als zo'n uitschieter dan eens redelijk tot goed gekleurd is, verliest de vis deze in veel gevallen in een later stadium van de groei. Gwenn heeft trouwens wel enkele van deze Benigoi aangehouden, waarvan de grotere. Hij is namelijk alleen fan van grote Benigoi van 70+, tsja wie niet? 
Aan de foto hierboven te zien zijn de vissen al een stuk groter geworden en zijn de patronen duidelijk zichtbaar. 13 juli was het dan zover, de tweede sembetsu.
Van deze selectie zijn hieronder twee Koi uitgelicht, de Koi op de linkerfoto was op dat moment 11 cm en de Koi rechts 13 cm.
Eén september heeft Gwenn de jonge Kohaku eens gemeten: 18 cm schoon aan de haak! Voor een Koi van drie maanden een respectabele lengte, welke gelijkwaardig is aan de Japanse kwekers. Op dit moment zijn er nog 90 stuks Kohaku jongbroed over, dit betekent dus dat Gwenn een hele zware selectie heeft toegepast. Binnenkort zal ik van Gwenn meer informatie en foto's ontvangen van de derde sembetsu. Ik ben benieuwd, dan wordt het pas echt duidelijk of dit een succesvolle kweek is geweest.
dinsdag 29 september 2009
Het kwekerssyndroom is neergeslagen in België
zondag 27 september 2009
Brams' Bakje
Sinds het voorjaar van 2009 heb ik thuis een binnenbak in werking. Deze heb ik bij ons achter in een houten schuur gebouwd. De ruimte waar de bak in staat is geïsoleerd met 5 cm dikke isolatieplaten, type Dupanel. De bak heeft een afmeting van 2,10*2,10*1,46m, met een inhoud van bijna 6.500 liter. Via een zijdrain, een vortex, een 13.000 liter pomp en een trickling filter wordt de bak draaiende gehouden. De trickel is gemaakt van kratten met geperforeerde bodem en de onderste bakken zijn dicht, om het water op te vangen. Deze bakken zijn gekoppeld, waardoor er een circulerende stroming ontstaat. Het filtermateriaal bestaat uit Bacteria House, KSB en plastic bioballen. Naast de goede zuurstofvoorziening van de trickling filter staat er nog een aparte luchtpomp van 30 liter/min te draaien. Via een tijdklok staat een TL-balk ingeschakeld om extra licht in de ruimte te brengen.
Sinds begin mei heb ik er vier vissen in zwemmen, een Sanke van Marusei Hirasawa, een Pearl Ginrin Sanke + Showa van Sekiguchi en een Karashigoi van Marudo. Het zijn niet echt tategoi, maar wel interessante vissen om de ontwikkeling van te volgen. Een voerautomaat zorgt voor een regelmatig voederpatroon. Op het moment is deze ingesteld op 6x voeren per dag, welke om 8.00, 10.30, 13.00, 15.30, 18.00 em 20.00 voer geeft. Nu de winter eraan komt zullen de tijden aangepast worden op de tijden van zonopkomst en zonsondergang. Koi zijn het 'hebberigste' rond deze tijden. In Japan wordt tussen de vijf en zeven keer per dag gevoerd, van 6.00 tot 18.00, waarbij de tijd tussen de voederbeurten variëreert tussen de twee en drie uur. Zowel Marudo, Yamamatsu en Dainichi staan achter dit voederregime en behalen hier de beste resultaten mee. Om die reden gebruik ik ook Saki Hikari Basic (korrelgrootte 3mm), waar zij ook volledig achter staan.
Begin mei zijn de vissen dus geplaatst. Ik heb er anderhalve maand van mogen genieten en toen ging ik voor zeven weken naar Japan. Wat een kick was het om de Koi weer terug te zien eind augustus! De kleinste van het stel toen, de Karashigoi was 14 cm bij plaatsing, was gegroeid naar 32 cm.
Op zich een hele respectabele groei, maar ik was dus net terug uit Japan. De Karashigoi bij Marudo waren toen al 40 cm en zullen nu gemiddeld 45 á 50 cm zijn. Het jammere is dat deze vis voor zijn komst naar deze bak behandeld moest worden aan een wondje en nu een scheefgetrokken bek heeft. Maar ja, zo'n Karashi heeft wel zijn charme door zijn rustige gedrag en dat het zo'n schrokop is.
De Marusei Sanke is gegroeid van 22 naar 29 cm, de Sekiguchi Showa van 22 naar 32 en de Pearl Ginrin Sanke is gegroeid van 24 naar 31 cm. 
Ik zal binnenkort deze Koi extra belichten in een apart artikel. Deze groei is dus in vier maanden tijd gerealiseerd. In Japan zitten de vissen van deze leeftijd vanaf midden mei in de mudponds, tot midden oktober. Dit betekent dus vijf maanden mudpond voor Ake-nisai (nieuwe nisai). Tosai zitten trouwens gemiddeld maar drie tot vier maanden in de mudponds. Zo'n tosai groeit van 1 cm uit tot een Koi van gemiddeld 20 cm in deze tijd. Vanaf september zitten deze verwarmd in de koihuizen tot midden mei, waarin deze een gemiddelde lengte van 30-35 cm behalen. Wanneer deze weer naar buiten gaan voor een volgend mudpondseizoen wordt een gemiddelde lengte van 50 cm behaald. Mijn Koi zouden dus idealiter deze lengte hebben dit najaar. Zonder verwarming en continue waterverversing zit dit er hier niet in geloof ik (ik ververs hier twee keer per week, 10% per keer). Al is het water dit jaar nog niet onder de 20 graden geweest. Zelfs nu is het nog 20,5 graad.
Hierbij een video welke ik gisteren heb gemaakt:
zaterdag 26 september 2009
De Pronkende veren van een Pauw
dinsdag 22 september 2009
'Als je later Groot bent...'
Ik ben benieuwd wat er verder tussen zwemt zeg...
maandag 21 september 2009
Meesterlijke Metallics.
Tijdens ons verblijf op de Nishikigoi farm in Polen, hebben Bram en ik vele selecties gemaakt. De sembetsu die ons het meest bij is gebleven is wel die van de Kujaku. Deze variëteit kan ons beiden erg bekoren. Kujaku betekent letterlijk Pauw. Een passende naam voor deze metallic Koi die naast een rood of oranje Kohakupatroon ook rijk is aan het Matsuba effect.
zaterdag 19 september 2009
Ozon
Het oxideren - een vorm van verbranden - kan met allerlei soorten stoffen plaatsvinden: met zichtbare en onzichtbare stoffen; met organische en anorganische stoffen; maar ook met geur- en kleurstoffen; en micro-organismen, zoals virussen, schimmels en bacteriën. Hierbij komt het derde zuurstofatoom door ontlading los van het ozonmolecuul (O3) en bindt het zich aan een andere materie, waardoor van het ozon uiteindelijk alleen nog puur en stabiel zuurstof - O2 - overblijft. In de natuur komt ozon vrij onder zeer hoge spanning, bijvoorbeeld bij onweer. Het is dan waar te nemen door de specifieke, frisse geur die hierbij vrijkomt.donderdag 17 september 2009
Sekiguchi Presenteert...
dinsdag 15 september 2009
Een dag met Rob
M aandag 14 september had ik collegevrij en waar kan je je tijd dan het beste aan besteden? Juist ja, huiswerk... Een dag met Rob Heijmans op pad was maandag voor mij m'n huiswerk. Ik heb na mijn stage in Japan in het najaar van 2008 (wat een tijd geleden alweer zeg) bij Rob stage gelopen voor een periode van drie maanden. Tijdens deze stage heb ik onderzoek gedaan naar de druk en de zwemblaas bij Koi. Deze twee factoren zijn van groots belang voor de Koi om drijfvermogen in het water te genereren.
De zwemblaas is een met gas gevulde uitstulping van het darmkanaal, waarmee Koi hun drijfvermogen regelen. Via een verbindingsbuisje van de zwemblaas naar de darm, de ductus pneumaticus, kan de gasdruk in de zwemblaas geregeld worden. Door toename van de gasdruk zal de Koi in het water stijgen en door afname van de gasdruk zakt de vis.
maandag 14 september 2009
Koi Wijzer 39, Ode aan de Goudvis
In deze ‘Ode aan de Goudvis’ vertellen wij over de geschiedenis van de goudvis, die veel parallellen blijkt te hebben met die van de Koi. Een stukje over de verzorging mag natuurlijk niet ontbreken. In de ‘carassius kakafonie’ passeren vervolgens alle variëteiten de revue. Met de mooiste foto’s van ’s werelds meest gerenommeerde goudvisfotografen. We sluiten deze special af met een artikel van een Chinese goudvissenkweker over sluierstaarten in China en Japan.


